Inrichtingen bij het verlaten van een woning

Geachte,

Graag zou ik van U vernemen welke inrichtingen bij het verlaten van een eigendom , al dan niet behoren tot het te verlaten of verkochte vastgoed. Inzonderheid verlichtingsarmaturen, vensterbehang en dergelijke.

Wat mag door de woningverlater of verkoper, al dan niet worden meegenomen, indien er vooraf niets werd overeengekomen ?

Met dank bij voorbaat

Vraag van de heer Luc Craeninckx (Ostende)

Komt in principe aan de koper toe, alles wat onlosmakelijk verbonden is met het gebouw. Dit houdt in alle goederen die door incorporatie of door bestemming onroerend zijn geworden.

Om onlosmakelijk met het gebouw verbonden te worden en aan de koper toe te komen, moet de wilsbeschikking achterhaalbaar zijn en een vermoeden scheppen dat de eigenaar de wil had een roerend goed te verbinden met een onroerend goed.

De wet heeft eveneens 3 vermoedens van verbondenheid ingebouwd :

1. Er is een verbinding wanneer de roerende goederen verbonden zijn met gips, kalk of cement of wanneer men deze goederen niet kan losmaken zonder de goederen zelf of een gedeelte van het erf te beschadigen. vb. : radiatoren, trappen,…

2. Spiegels, schilderijen of andere sieraden, wanneer het houtwerk waaraan zij verbonden zijn van het beschot deel uitmaakt.

3. Beelden geplaatst in een opzettelijk daarvoor gemaakt nis, zelfs indien ze losgemaakt kunnen worden zonder breken of beschadigen.

Deze lijst is echter exemplatief, andere wijzen van verbondenheid kunnen worden vastgesteld.

Het criterium dat de goederen aan de verkoper toekomen indien de goederen kunnen losgemaakt worden zonder de goederen zelf of een gedeelte van het erf te beschadigen, is in vele gevallen doorslaggevend en moet in concreto worden nagegaan.

Indien het vensterbehang bijgevolg zonder beschadiging losgemaakt kan worden, kan het gerust door de verkoper meegenomen worden.