Newsletter n°12 | March 2007
Er zijn aanzienlijke verschillen tussen gemeubeld en ongemeubeld verhuren.
De eerste verschillen die in het oog springen, hebben te maken met de duur van de huurovereenkomst (meestal veel korter voor de verhuring van een gemeubelde ruimte dan voor een ongemeubelde), met de aanvangsinvestering (gemeubeld verhuren betekent de aanschaf van niet alleen meubilair, maar ook van vaatwerk, beddengoed, kortom alle huisraad, ...) en, met het type van huurder (de huurder van een gemeubeld pand is vaak een buitenlander die in België aankomt en een gemeubelde ruimte huurt terwijl hij op zoek gaat naar een ongemeubelde, of naar een onroerend goed om te kopen of gewoon zolang zijn werkopdracht duurt). Maar het belangrijkste verschil ligt op het fiscale niveau.
In België worden de huurinkomsten van een ongemeubeld pand niet belast als de eigenaar-verhuurder een natuurlijke persoon is en wanneer de ruimte voor particuliere doeleinden en dus geen beroepsdoeleinden wordt gebruikt. Bij een bemeubeld pand voor privé- en dus geen professioneel gebruik daarentegen wordt de eigenaar belast op het roerende deel van de huursom (op de huisraad dus in de woning), terwijl hij op het
onroerend deel geen belasting hoeft te betalen.
Soms spreken verhuurder en huurder af in de huurovereenkomst de quotiteiten met betrekking tot het roerend deel en de onroerende quotiteit vast te leggen. De belasting kan dan naar evenredigheid van die quotiteiten worden geheven.
Wanneer huurder en verhuurder niets in het huurcontract hebben bepaald, wordt voorzien dat het bruto-inkomen uit het vastgoedgedeelte 60 % van de huursom bedraagt, terwijl het bruto-inkomen uit het roerend deel goed is voor 40 %.
Voorts is het zo dat vastgoedinkomsten uit het verhuren van huisraad in een gemeubelde woning niet opgenomen zijn in de delgende onroerende voorheffing. De verhuurder dient deze inkomsten dus elk jaar aan te geven in zijn belastingaangifte (onder « inkomsten uit roerende goederen »).
Nog een precisering : in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bepaalt de Huisvestingscode (ordonnantie van kracht sinds 1 januari 2004) dat verhuurders van gemeubelde woningen bij de gewestelijke Wooninspectiedienst een conformiteitsattest dienen aan te vragen dat vaststelt dat de gemeubelde woning wel degelijk voldoet aan de normen inzake elementaire gezondheid, veiligheid en uitrusting waarvan sprake in artikel 4 van deze code (met name de stabiliteit, de afdichting van de woning, de natuurlijke verluchting en verlichting van de kamers, de structuur en de afmetingen van de woningen, de uitrustingen waaronder elektriciteits- en gasinstallaties alsook de sanitaire installaties en de verwarming). Dit attest is 6 jaar geldig. De verhuurder dient daarvan een afschrift aan de huurder te bezorgen. Dit attest vormt een heuse verhuurvergunning.
U kunt op onze website modelovereenkomsten voor het verhuren van gemeubelde woningen bestellen
Vastgoedcontracten bestellen
Het PAP team
Deze nieuwsbrief wordt u aangeboden door de website Van Particulier aan Particulier, de n°1 voor de immo advertenties tussen particulieren.
Dank zij onze site www.pap.be, kan u gemakkelijk uw vastgoed kopen, verkopen of verhuren zonder tussenpersoon en dus zonder commissieloon.
Bekijk ook al onze immo adviezen met de laatste wetgevingen: lezersbrieven, nieuwsbrieven en vastgoed tips op onze site www.pap.be.
Met Van Particulier aan Particulier, geen makelaars en geen commissieloon in alle veiligheid.